Algemeen geert teis

Gepubliceerd op 7 maart 2018 | door Jan Glas

0

Wonsdag Woorddag ‘Sikkeneurig’

Vanaf vandaag is het iedere woensdag Woorddag op Webloug: Henk Scholte schrijft over Grunneger woorden.

Hoe is het ontstaan? Dit woord: SIKKENEURIG

sikkeneurigIn de eerste regel: “Ik wait nait wat zel t toch beduden’, dat ik zo sikkeneurig bin” uit de eerste versie ‘Knaolster Lorelei’ een parodie op het beroemde lied van Heinrich Heine, door de Knoalster Liereman Geert Teis Pzn, wordt het woord sikkeneurig gebruikt als vertaling van het Duitse woord ‘traurig’. Het zingbare gedicht werd 1909 gepubliceerd in zijn verzamelbundel ‘Mien Bröddellabbe” In de derde, geheel herziene, herdruk van 1923 is dit door Geert Teis Pzn vanwege de beter zingbaarheid gewijzigd in miesdereg.

Het woord sikkeneureg is verhollandst Frans, Chicaneur betekent: vitter, haarklover, dwarsdrijver. Onder sikkeneurig verstaan wij: brommerig, humeurig, gemelijk. Er is dus geen enkel verband met het Amsterdamse woord s(j)ikker voor dronken. Dat is regelrecht uit het Hebreeuws afkomstig. Wel zijn lieden die s(j)ikker zijn, dikwijls tevens slikkeneureg, maar daarmee houdt de verwantschap op. Soms leest men: siekeneureg. Kennelijk is er dan de bijgedachte aan: ziek. Maar ook daarmee heeft het woord niets te maken.

Henk Scholte

Bieschrift foto: Uit ‘Mien Bröddellabbe’ uitgeverijDe Lange, Veendam 1909

Tags: ,



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

20 + veertien =

Terug naar boven ↑
  • Activiteiten