Algemeen

Gepubliceerd op 22 mei 2018 | door Patricia Ottay

4

Wonsdag Woorddag “Odde” door Henk Scholte

“Ze haren mie ’t nait lappen most,” zee Biene, “as ik gounent op veziede krieg, den kennen ze moar zo fesounlek wezen en ofwachten wat ze kriegen.” “Joa, Joa, dat wait ‘k wel, zo bist doe, doarom bellen ze die ook nait op,” zee ol Martje. “Zoksent huiven mie ook nait bellen, ik bin gain odde, ikke nait, ik bin toch al veuls te goud en den ook nog n odde wezen zeker en joe op de koop tou uutlagen loaten. Ik huf moar ain vinger bewegen, den haar ‘k ’t haile huus vol volk. Moar ik paas wel op. As ’t toch allain moar op ’t vreten aankomt, den ken wie dat net zo goud zulf doun. Wat het joe dat wel nait kost.”

Fragment uit: Boontjesoep Uut de Veenkolonies door Simon van Wattum, Nieuwsblad van het Noorden 26-07-1980

Etymologie is een wetenschap die vaak zeer speculatief te werk gaat en harde bewijzen dikwijls moet missen. Toch doe ik een poging om duidelijkheid te verschaffen rond het merkwaardige woord Odde. Odde betekent onnozele persoon. In eerste instantie dacht ik dat het woord typisch thuistaal was. Maar bij navraag  in de omgeving Knoalster Veenkolonies was iedereen die ik sprak nog altijd bekend met het woord Odde.  Als ik vroeg naar de herkomst van dit doodgewone woord, dan bleef t stil. Een lastige vraag waar dus niet zomaar een eenduidig antwoord op te geven is.  Ie denken dat ik n odde bin, mor dat bin k wis nait. “Ik ben geen gekke Gerrit en als het hierom gaat dan laat ik me niet zomaar voor het karretje spannen.” Odde verschuift in de omgeving van Winschoten naar Otte. En ik odde bin naargens op verdocht west. Al gauw kwam ik bij het associeren van n maal ibbel op n maal odde terecht. En zo schuif ik door naar een onnozele hals die ook wel een malloot genoemd wordt. Hoogstwaarschijnlijk  is malloot ontleend  uit het Frans malot, de benaming voor een soort van wesp of hommel. Dit kan al gauw in verband gebracht met het bijvoeglijk naamwoord mal, een verbastering van malhoot (d. i. malhoofd). Tot zover wil ik u als lezer nu niet verder in het ootje nemen, want ie as leesder konden der krek as ik wel odderg van worden.

Foto: Bert Visscher, fragment show Zelden zoiets gezien.

Tags: , , , , ,



4 Responses to Wonsdag Woorddag “Odde” door Henk Scholte

  1. Bart says:

    Ik denk bij odde direct aan het engelse ‘odd’, vreemd, raar of ongebruikelijk. Zou er tussen beide woorden een relatie kunnen zijn?

  2. Bart says:

    Ik moet bij het woord odde direct denken aan het Engelse ‘odd’, vreemd, raar en ongebruikelijk. Zou er daarmee een relatie tussen beide woorden bestaan?

  3. Jan Glas says:

    Dit is de reactie van Henk Scholte:

    Ik heb in mijn inleiding al geschreven, dat het lastig is om hier een eenduidig antwoord op te geven. Etymologie kan alle kanten opgaan. De suggestie om naar het Engelse odd te verwijzen is natuurlijk ook een mogelijkheid die in zijn huidige betekenis een overweging waard is, aangezien de Engelse taal veel geleend heeft uit de Romaanse talen. Maar de Groninger combi ‘Maal Odde’ naar Malloot vind ik zelf aannemelijker. Want je zou bijvoorbeeld denken dan het woord jeans (‘spijkerbroek’) uit het Engels komt, wat wel waar is, maar het Engels heeft het weer uit het Frans, waarin jean ‘weefsel’ betekent en dat is weer afkomstig van het Oudfranse woord Janne voor de Italiaanse stad Genua. Daar komt die stof oorspronkelijk vandaan. Niks cowboys uit Texas dus. Overigens komt Genua van lanua (middeleeuws-Latijns) dat staat voor ‘poort’. Van Veen* wijst op de verwantschap met januari, letterlijk ‘de maand van Janus’, en Janus was de god van deuren en poorten. Zoals je kunt zien blijft het in vergelijkingen altijd gissen.

    Henk Scholte

  4. Henk Scholte says:

    Ik was een bron behorende bij ‘Van Veen” nog vergeten te vermelden: Dr. P. A. F. van Veen: Etymologisch woordenboek. De herkomst van onze woorden. Van Dale Lexicografie,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

vier × 2 =

Terug naar boven ↑