Literatuur Willem Tjebbe Oostenbrink

Gepubliceerd op 10 februari 2017 | door Jan Glas

0

Willem Tjebbe Oostenbrink wint Duitse Johann Friedrich Dirkspries

De dichter Willem Tjebbe Oostenbrink heeft met zijn Groninger gedichtencyclus ‘Doar buten ien de wiede wereld´ de Johann Friedrich Dirksprijs 2017 gewonnen. Deze prijs voor nieuwe Nedersaksische literatuur wordt door de stad Emden om de twee jaar toegekend.
De gedichtencyclus ‘Doar buten ien de wiede wereld’ omvat vijf gedichten geschreven in het West-Gronings (Westerkertiers): Broers, Voader en zeuns, Verwachteng ien wenk en bewegeng, Kort holden en Vekaansie. De titel van de cyclus heeft betrekking op de aantrekkingskracht van verre landen, het verlangen om te reizen, de drang om weg te gaan, maar ook de angst voor het vreemde en de dreiging van het onbekende. De inzending van de gedichten werden vergezeld door een prachtige vertaling naar het Oost-Fries door Carl-Heinz Dirks uit Emden.

De poëzie van Oostenbrink is vaker in de prijzen gevallen bij de oosterburen. In 2010 won hij de Duitse Freudenthal Aanmoedigingsprijs en in 2014 de Borslaprijs.

De jury ontving een veertigtal inzendingen afkomstig uit Schleswig-Holstein, Oost-Friesland, Nedersaksen en ook Nederland. Op 9 februari in Emden is de Johann Friedrich Dirksprijs voor de derde keer uitgereikt. Met deze literatuurprijs wil de stad Emden het nedersaksisch als levende taal bevorderen. Het prijzengeld van 2500 Euro evenals een klein bronzen skulptuur is beschikbaar gesteld door het internationale bedrijf Dirks Group uit Emden.

De prijs is vernoemd naar de Emder dichter Johann Friedrich Dirks (1874-1949). De uitreiking van de Nedersaksische literatuurprijs op 9 februari valt samen met zijn geboortedag.
Het Nedersaksisch wordt in Duitsland gesproken van de Nederlandse grens tot voorbij Berlijn, van Münster tot aan de Deense grens. Onder het nedersaksisch vallen ook de Nederlandse streektalen langs de Duitse grens, zoals het Gronings, Drents, Sallands en Twents.

De stad Emden heeft historische banden met Groningen en Nederland. In de tachtigjarige oorlog zochten veel Nederlandse en Vlaamse vluchtelingen onderdak in Emden. In het westen van Oostfriesland was het oude traditie Nederlands te spreken. Het was de kerktaal en de schrijftaal voor Emders. Nog steeds is er een Nederlandse Consul in Emden.

Tags: ,



Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

achttien − 10 =

Terug naar boven ↑
  • Literatuur activiteiten

    Geen nieuwe activiteiten