Gedicht van de Week van David Hartsema

Veur die

Veur die heb ik ’n wies bedocht,
Gitaren stimd, ’n paark aanlegd
En vogels vroagd om te zingen.

Veur die heb ik de stainen bikt,
Haartschulpen von ik vlak aan ’t strand
En zeeschoem en venusschulpen.

Veur die heb ik het holt bewaarkt,
Voazen moakt veur wien en wodder
En woorden veur vrouger en loater.

Veur die blift het daipste ’n gehaim,
Nog onoetzegboar, nooit nog vonnen.
Ons laid is nog nait begonnen.

David Hartsema (Zoutkamp, 1925 – Lauwersoog, 2009).
Uit: Tussen waal en schip (Alternatyl, 1974).

Tijdens de zomermaanden verschijnt het Gedicht van de Week niet in het Dagblad van het Noorden.

Deel dit bericht
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

Tags: , ,



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

vijftien + twaalf =

Terug naar boven ↑
  • Literatuur activiteiten

    Geen nieuwe activiteiten